Home > Over ons > Dorpsnatuur algemeen


Dorpsnatuur algemeen


15-11-2020
Dorpsnatuur in Heusden
Eekhoorns druk met het aanleggen van voedselvoorraden.
Voor eekhoorns zijn de herfstmaanden erg druk. Naast de
gebruikelijke activiteiten als eten, hun vacht onderhouden, hun
leefgebied tegen ongenode gasten beschermen en hun nest
onderhouden en bouwen, moeten de dieren nu ook voedsel
verzamelen om de winter door te komen. Eekhoorns houden
namelijk geen winterslaap.

Lees het hele bericht HIER.
(Foto: Wilhelmien Marti)

10-11-2020
Wat is natuur?
Bij natuur denken we vaak het eerst aan ‘ongerepte’ natuur. Maar ongerepte natuur is er niet meer in Nederland, en vrijwel niet meer in Europa. Zo goed als alle natuur heeft de invloed van de mens ondervonden. Dat betekent niet dat de overige natuur niet van belang is. Dan is de vraag: wat is natuur? De Loonse en Drunense Duinen? De Roeivijver? Wegbermen? Plantvakken? Particuliere tuinen? Plantenbakken op een balkon? Weilanden? Maisakkers?

Een kenmerk van natuur is dat er altijd beweging is, bij dieren en bij planten. Een steen is daarom geen natuur. Maar niet alles wat beweegt is natuur.

Oorspronkelijke natuur hebben we in Nederland al lang niet meer; heel Nederland is een cultuurlandschap. Ook de bossen van de Loonse en Drunense Duinen zijn door de mensen gevormd. Desondanks zien de meeste mensen onze Duinen toch als natuur. Er worden misschien bomen gekapt, maar de biodiversiteit is er nog steeds groot: er komen veel verschillende soorten planten en dieren voor. En er is uitwisseling met de omgeving.






De Roeivijver dan, is dat natuur? In de ogen van veel mensen nog steeds een ‘ja’. Ondanks de recreatie, de honden-uitlaters en vissers die er zijn. Het is er groen, er komen vogels en andere fauna voor.
Hoe zit het met weilanden en akkers? Doordat de landbouw de laatste decennia veel intensiever is geworden, is de biodiversiteit er sterk gedaald. Aan de andere kant: ongeveer 5% van de vogelsoorten in Nederland is nog steeds in hoge mate afhankelijk van het landelijk gebied. Onder andere onze nationale trots, de grutto.

et zal u niet verbazen dat ook wegbermen, openbaar groen, tuinen een bijdrage leveren aan de soortenrijkdom in Nederland. Zelfs de plantenbakken in de dorpscentra of aan balkons zou je natuur kunnen noemen. Ze dragen ook bij aan de biodiversiteit. De bloeiende planten zorgen voor nectar en stuifmeel, voedsel voor insecten. De insecten die fruitbomen bevruchten, en die dienen als voedsel voor vogels en vleermuizen.

In stad en dorp zijn ook stoepplanten en de mieren eronder dragen bij aan de biodiversiteit. Het wemelt er van rotsbewoners, warmtezoekers en pionier-soorten. Maar ook van exoten, gedomesticeerde dieren en sierplanten. Allemaal cultuurvolgers. Die soms na vestiging in de stad ook het omringende landschap gaan bevolken.

In grote lijnen neemt de soortenrijkdom het grootst natuurgebieden. Maar ook in landbouwgebied, in dorpen en steden is er een verscheidenheid aan planten en dieren. En doordat al deze gebieden soorten met elkaar uitwisselen, zijn ze van belang voor elkaar.

Dorpsgroen is dus van belang voor de soortenrijkdom in het land. Daarnaast is dorpsnatuur voor een prettige omgeving; de meeste mensen voelen zich beter in een groene dan in een stenen of betonnen omgeving. Verder houdt groen de omgeving koel in een hittegolf. Genoeg redenen om zuinig te zijn op het groen in je omgeving





In het project ‘Dorpsnatuur in Heusden’ richten de Natuur- en Milieuvereniging gemeente Heusden (NMVH) zich op het stimuleren van de biodiversiteit in de bebouwde omgeving.
Dit project wordt mede mogelijk gemaakt door financiële bijdragen van de Provincie Noord-Brabant, gemeente Heusden, en Het Groene Woud.
Als je zin hebt om daar aan mee te werken, laat het dan weten via info@natuurenmilieuheusden.nl.


26-10-2020
Groen …. waarom ook al weer?
Heel vroeger, we praten over duizenden jaren geleden, was alles natuur. Die paar mensen die op aarde rondliepen hadden geen merkbare invloed. Vanaf de middeleeuwen hebben vrijwel alle bossen gekapt en vrijwel al het land in gebruik genomen. Met als gevolg dat 85% van de biodiversiteit inmiddels uit ons land verdwenen is. Sinds de jaren 80 van de vorige eeuw hebben we langzaamaan weer een beetje natuur terug gekregen. Maar de biodiversiteit in agrarisch en bebouwd gebied kachelt nog steeds achteruit. Wat we aan de ene kant winnen aan meer oppervlak natuur, verliezen we aan de andere kant door de rest van de ruimte steeds steniger in te richten. Wat te doen?

Het aantal mensen neemt de komende jaren nog toe, ook in Nederland. Al die mensen willen wonen, werken en eten. Daar is ruimte voor nodig: voor landbouw, voor fabrieken en kantoren, voor huizen en wegen. In de gemeente Heusden wordt 58% van het oppervlak gebruikt voor land- en tuinbouw, 4% voor bedrijven, 10% voor woonhuizen en 3% voor wegen. De overige 25% is groen (inclusief water en recreatieterrein). De driekwart van het oppervlak dat niet-groen is, wordt nog steeds minder groen. En dat hoeft niet.

Want die driekwart niet-groen is niet alleen steen en asfalt. De wegen hebben bermen; die kun je biodiverser te maken, bijvoorbeeld door minder vaak te maaien. Veel tuinen hebben veel stenen; die stenen kun je vervangen door planten. Huizen en bedrijven hebben muren en daken; de muren kun je bekleden met gevelbeplanting, platte daken kun je voorzien van dakgroen. Op vergelijkbare manieren kun je boerenerven en bedrijventerreinen vergroenen.

En denk niet dat jouw tuin zo klein is dat hij er niet toe doet. In Nederland hebben we 56.000 hectare aan tuinen. Die tuinen nemen zes keer de oppervlakte van de Oostvaardersplassen in. Op dit moment is meer dan 40% van dit tuinoppervlak verhard, ook in Heusden. Als we dat percentage kunnen halveren, krijgen we er natuur met een oppervlak groter dan de Oostvaardersplassen er bij!

En meer groen helpt niet alleen de biodiversiteit. Groen zorgt ook voor lagere temperaturen op tropische dagen in de zomer. Het zorgt voor minder wateroverlast bij stortbuien, en voor minder fijnstof in de lucht. Tuinen groener inrichten levert veel op! En daarbij telt jouw tuin ook mee!!




Groen … u weet nu waarom!

In het project ‘Dorpsnatuur in Heusden’ richten de Natuur- en Milieuvereniging gemeente Heusden (NMVH) zich op het stimuleren van de biodiversiteit in de bebouwde omgeving.
Dit project wordt mede mogelijk gemaakt door financiële bijdragen van de Provincie Noord-Brabant, gemeente Heusden, en Het Groene Woud.
Als je zin hebt om daar aan mee te werken, laat het dan weten via info@natuurenmilieuheusden.nl.

09-10-2020
Dorpsnatuur in Heusden
We hebben subsidie ontvangen voor Dorpsnatuur projecten in
Drunen-Venne-Oost, Vlijmen-Vliedberg en Herpt. In Venne-Oost
en in Herpt zijn we al druk bezig: inventarisatie-rondes gelopen
voor planten en vleermuizen. In Venne-Oost hebben we ook een
beeld van de omvormingen (extensiveringen) die de gemeente kan
doen. Op de Vliedberg starten we deze maand.
Per wijk of dorp is er een werkgroep die onderzoekt hoe de
biodiversiteit verbeterd kan worden. Wil je ook meewerken en -
denken? Laat het weten via info@natuurenmilieuheusden.nl.

05-08-2020
Dorpsnatuur: tuintellingen kun je ook in de vakantie doen
De Corona houdt veel mensen weg van verre vakantie
bestemmingen. Voor mensen die een tuin hebben is het leuk om te
kijken wat daar allemaal in leeft. Doe mee met de jaarrond
tuintelling!
Op tuintelling.nl kun je jaarrond je telling kwijt. In onze gemeente
zijn er inmiddels 59 deelnemers, alweer een meer dan vorige
maand. Op www.waarneming.nl hebben we voor alle wijken waar
we nu met Dorpsnatuur actief zijn of worden (Venne Oost, Herpt en
Vliedberg) een aparte omgeving aangemaakt. Daar kun je al jouw
waarnemingen kwijt..

09-07-2020
Hoe belangrijk zijn stad en dorp voor de Nederlandse natuur?
Op wereldschaal wordt 3% van het landoppervlak ingenomen door bebouwing. Niet zoveel zou je zeggen. Maar in Nederland zitten we al op 16%. En er komen steeds meer mensen bij. Mensen die steeds meer ruimte innemen: ze willen ergens wonen, sporten en met de auto rijden. Ook het voedsel dat ze eten moet nog ergens verbouwd worden. Kortom, in de toekomst zal er alleen maar minder ruimte voor natuur zijn.

Naar schatting is de oppervlakte aan privé-tuinen in Nederland ongeveer 56.000 hectare. Dat is zes keer de oppervlakte van de Oostvaardersplassen, of meer dan 10% van de totale oppervlakte aan natuur in Nederland. Richt je alle tuinen natuurlijk in, dan heb je zomaar 11 procent meer natuur. Dat is niet niks.

We kunnen de natuur helpen door ook in de stad en in de landbouwgebieden er meer aandacht aan te besteden. Door het op de goede manier te doen snijdt het mes aan twee kanten: goed voor de natuur is vaak ook goed voor jezelf.

Minder gif gebruiken betekent gezonder leven, ook voor jezelf. Meer groen in de stad betekent ook minder hoge temperaturen. Meer waterdoorlatende bestrating en meer waterbergingen betekent minder natte voeten in de zomer.

Onbenutte ruimte kan beter benut worden door het anders in te richten: groene platte daken zorgen ook voor lagere temperaturen in je huis. Haal tegels uit je voor- en achtertuin en vervang ze door inheemse planten.

En tenslotte: groene tuinen kunnen beter beheerd worden. Met eenvoudige ingrepen is elke tuin (en balkon) om te vormen tot een vogelvriendelijke plek. Naast platte daken vormen tuinen een enorm oppervlak dat vaak ongeschikt is voor vogels. Met een gazon, wat bessenstruiken en bloeiende planten, een nestkast, een voertafel en een haag als afscheiding (dus zonder tuintegels en kale schuttingen), kun je al het verschil maken. Tuinen bieden vogels voedsel, veiligheid en nestgelegenheid.

In het project ‘Dorpsnatuur in Heusden’ richten de Natuur- en Milieuvereniging gemeente Heusden (NMVH) zich op het stimuleren van de biodiversiteit in de bebouwde omgeving. Als je zin hebt om daar aan mee te werken, laat het dan weten via info@natuurenmilieuheusden.nl.

24-06-2020
Pioniers in stad en dorp: ganzen
De aantallen ganzen nemen toe in Nederland; niet alleen op het platteland maar ook in stad en dorp. In Den Bosch zie je hele kuddes Canadese en Grauwe ganzen luid gakkend in woonwijken in de bermen lopen, onder andere in de Helftheuvel. In Vlijmen-Noord zie je ze nu ook in en om de nieuw aangelegde waterberging.

Eind jaren zeventig waren er 100-150 Grauwe ganzen in Nederland; de soort stond hier op de Rode Lijst met bedreigde soorten. Inmiddels gaan we richting 100.000 Grauwe ganzen in ons land. De Grauwe gans herstelde zich dus spectaculair van zijn voormalige Rode Lijst-status. In 2005 werden voor het eerst broedgevallen binnen de bebouwing gezien; nu broedt hij op grote schaal (duizenden broedparen) tot diep in stedelijk gebied.

Ook steeds meer Canadese ganzen en nijlganzen broeden in de bebouwde omgeving. Je vindt ze in parken, waterrijke wijken en sloten met rietkragen in allerlei soorten wijken. Ze profiteren van het aanwezige water en de grasvlakten. En eilandjes in het water bieden een veilige broedplek. De tendens om steeds meer waterbergingen aan te leggen zal ganzen verder in de kaart spelen, zoals in Vlijmen-Noord nu ook gebeurt. Frequent gemaaide gazons en bermen bieden bovendien uitstekende foerageermogelijkheden.

Een andere reden voor het succes van de gans in de stad is de predatiedruk; die is in het algemeen lager dan buiten de stad. Bij populatiebeheer blijven de stad-ganzen vaak ook buiten schot. Aan het einde van het broedseizoen vertrekken ze vaak weer vanuit de bebouwde omgeving naar het buitengebied.

In Den Bosch heeft de gemeente in 2019 geprobeerd de ganzen van sportvelden, golfbanen en strandbaden te weren of te verjagen. Dat leek toen niet erg succesvol. De noodzaak zal dit jaar vanwege Corona minder groot geweest zijn.
In de gemeente Heusden zijn de aantallen en de overlast tot nu toe beperkt.

In het project ‘Dorpsnatuur in Heusden’ richten de Natuur- en Milieuvereniging gemeente Heusden (NMVH) zich op het stimuleren van de biodiversiteit in de bebouwde omgeving. Als je zin hebt om daar aan mee te werken, laat het dan weten via info@natuurenmilieuheusden.nl.

(Foto: Annie van Bokhoven)

Corona en natuur
Corona zorgde de afgelopen maanden voor veel minder drukte in de straten en parken. De ene diersoort floreerde, een ander had er vooral last van. De burger hoorde ineens (vogel)geluiden die eerst meestal niet te horen waren door de vele mensen en auto’s in de straten. Verder bood het kansen om veranderingen in dierlijk gedrag te observeren.
De grootste verschillen vond je in de grote steden. In Amsterdam bijvoorbeeld is het water in de grachten helderder omdat de rondvaartboten stil lagen. Het zicht is verdubbeld van 70 naar 150 centimeter. Een gevolg is dat zaden kiemen en planten als waterlelies en gele plomp ook in de vaarwegen verschijnen.

Een voordeel dat dieren hadden van het verminderde verkeer, is dat ze minder kans liepen doodgereden te worden; bijvoorbeeld amfibieën hadden dat voordeel tijdens de paddentrek. Aan de andere kant maakte de rust op de wegen de dieren onvoorzichtiger: in Zeeland zag de Dierenambulance het aantal aangereden Wilde eenden juist sterk toenemen. Sportvelden waren minder verlicht; daar hadden amfibieën, insecten en vleermuizen baat bij. Normaal worden zij ontregeld door al het kunstlicht.
Toch zijn er soorten die meer last dan gemak van de rust hadden en nog hebben: de beesten die het moeten hebben van het voedsel dat mensen op straat achterlaten. Duiven, kraaien, meeuwen en ratten bijvoorbeeld. Normaal zijn er op toeristische plekken veel meeuwen; nu moesten die andere bronnen van voedsel aan?boren. Dat gold ook voor de meeuwen die in het Engelse Bristol die gewend waren door de week op een schoolplein te foerageren (in het weekend kwamen ze daar toch al nooit, dus die zullen wel een goed alternatief gehad hebben). Kraaien leven meer plaatsgebonden in de stad. Die zie je vaak loeren op eten en zodra iemand een zak patat laat ?vallen, grijpen ze hun kans. Dit voorjaar joegen zij eerder op muizen en kleinere vogeltjes.

Dat parken in deze tijden drukker zijn lijkt niet veel nadelige gevolgen te hebben gehad voor de dieren daar. De drukte in de natuur had soms wel lastig voor reeën en dergelijke; niet zozeer door de mensen zelf, maar door hun loslopende honden. De crisis leidt ook tot mogelijkheden: wetenschappers onderzoeken met cameravallen op de Hoge Veluwe hoe de gewijzigde openingstijden van invloed zijn op het gedrag van de dieren in het park.


Doordat veel mensen meer tijd thuis doorbrachten, hadden ze in een keer tijd en zagen van alles. Ze zagen jonge vogeltjes in de tuin op de grond zitten en brachten ze gelijk naar de opvang. Daardoor kregen deze veel meer dieren binnen en zaten een aantal helemaal vol. Ook egels, eekhoorns en zelfs reekalveren werden gebracht. Terwijl dat in de meeste gevallen echt niet nodig was! De meeste waren helemaal niet verlaten door de ouders; die waren hoogstens even buiten beeld. (Dus als je twijfelt: bel de Dierenambulance voor advies (0900-0245.)
Langzaam keren we terug naar normaal, wat betreft de drukte op straat. Maar wat zal de toekomst brengen; wat kan de natuur betekenen voor pandemieën? Het WereldNatuurFonds heeft dat uitgezocht. Het rapport ‘De vernietiging van de natuur en de opkomst van pandemieën’ beschrijft het verband tussen de vernietiging van natuurlijke ecosystemen, de handel in wilde dieren en het verschijnen en verspreiden van besmettelijke ziekten die door dieren zijn overgebracht zoals het Corona-virus. Het rapport geeft ook aan hoe we de gezondheid van de mens beter kunnen beschermen door de biodiversiteit beter te beschermen. Ook de biodiversiteit in de tuin helpt daarbij!
In het project ‘Dorpsnatuur in Heusden’ richten de Natuur- en Milieuvereniging gemeente Heusden (NMVH) zich op het stimuleren van de biodiversiteit in de bebouwde omgeving. Als je zin hebt om daar aan mee te werken, laat het dan weten via info@natuurenmilieuheusden.nl.

© Natuur- en Milieuvereniging Gemeente Heusden 2010-2020
Vogelgeluid